Stichting Nativitas

Watublapi

In 1986 gingen 4 vrienden, waaronder Theo en Lies Dinnissen, naar het Indonesische eiland Flores. Aan het einde van hun avontuurlijke rondreis verdwaalden zij en kwamen toevallig terecht op de kleine missiepost van pater Schouten in Watublapi. Daar ontmoetten Marie Jeanne Colson (mama Belgie). Zij raakten zodanig onder de indruk van haar werk, dat zij, thuisgekomen, begonnen met het opsturen van postpakketten. Al gauw ging dat om politieke redenen niet meer vanwege de toepassing van de mensenrechten op Timor. Mevrouw Colson liet hun echter niet los en in 1992 gingen zij weer terug met de opbrengst van de receptie van een zilveren huwelijksfeest, aangevuld met talloze giften van mensen uit hun kennissenkring. Helaas voor niets, want in december van datzelfde jaar verwoestte een enorme zeebeving (tsunami) alles wat mama België in 20 jaar had opgebouwd. Er vielen meer dan 3000 doden. Dat was voor Lies en Theo Dinnissen aanleiding tot het oprichten van de Stichting Nativitas. In eerste instantie concentreerde de stichting zich op het lenigen van de allerergste nood. De oprichters dachten maximaal enkele duidenden guldens bij elkaar te brengen. De Stichting sloeg echter geweldig aan en is uitgegroeid tot een stichting die een structurele bijdrage levert aan de instandhouding van de tehuizen en het werk van mama België. Inmiddels heeft zij, samen met haar Indonesische staf, de leiding over vijf kindertehuizen, een meisjesinternaat, een kleuterschool, een fysio- en hydrotherapieaccommodatie, een timmerwerkplaats en nog veel meer.

Marie-Jeanne Colson

In 1972 werd de Belgische onderwijzeres Marie Jeanne Colson, met vele andere ontwikkelingswerkers, uit het voormalig Belgisch Congo gezet. Na allerlei omzwervingen vond zij in 1973 een nieuwe plek, waar ze zich opnieuw kon inzetten voor de medemens, op het eiland Flores in Indonesië. Zij kwam op 7 juli 1973 in Maumere aan en ging voor 3 maanden naar het klooster van de zusters Urselinen om de taal te leren en zich te oriënteren.

Flores

Daarna werd ze benoemd in een klein bergdorpje, Watublapi op de missiepost van pater Schouten met als taak sociaal werk: het toezicht over 3 weeskinderen die op de missiepost rondliepen en zowat overal en nergens thuis waren. De ervaring die ze opdeed met de drie weeskinderen die op de post rondliepen en de vijf die ze ondertussen uit het ziekenhuis van Lela moest weghalen om ze weer in hun eigen milieu en bij de familie te integreren, was zeer negatief. Ook de vroegere, door een pater ondernomen pogingen, om de baby’s te redden door ze in het ziekenhuis te laten verzorgen tot een leeftijd van twee jaar, waren geen succes gebleken. Mevrouw Colson besloot dan ook al snel om geen kinderen meer in een ziekenhuis te laten opgroeien. Zij begon zich steeds meer in te zetten voor wat wij steeds genoemd hebben “wegwerpkinderen”: ongewenste kinderen, zieke kinderen, wezen, gehandicapten, kinderen uit asociale gezinnen etc.

mama Belgie

Eind september 1975 nam ze de eerste baby op in haar eigen huisje, omdat de moeder gestorven was. Haar eerste baby lag in een kartonnen doos met een luier gemaakt uit een onderbroek van pater Schouten. Dit initiatief groeide in de loop der jaren uit tot vijf moderne kindertehuizen in Watublapi, Lekebai, Wolofeo, Nebeblawuk en Nangehure. Het laatste kindertehuis is speciaal ingericht voor de opvang van gehandicapten.

Mevrouw Colson, op Flores liefdevol ibu België genoemd, zoekt bij haar kinderen een pleegmoeder die ook in het tehuis blijft. De pleegmoeder wordt geleerd kinderen te verzorgen, goed voedsel te maken, wat hygiëne is, etc. Haar streven is zodanige voorwaarden te scheppen dat (pleeg)moeder en kind zo gauw mogelijk - dat kan binnen enkele weken zijn, maar ook na enkele jaren - weer terug kunnen naar hun kampong om daar op eigen benen te staan. Het kind wordt begeleid tot het 18 jaar is.

Mama België gaat er van uit dat maatschappijhervorming bij de vrouw begint. De vrouw is de spil van het gezin en zij moet een goede opleiding hebben. Maar als je een meisje wilt laten studeren, moet het niet eerst 3 of 4 uur moeten lopen om bij de school te komen. Daarom heeft zij in Nebe Wair Mitak, vlak bij een middelbare school, ook nog een internaat voor jonge meisjes opgericht. Na schooltijd krijgen de meisjes in het internaat nog lessen in al die vaardigheden die nodig zijn om een gezin te kunnen onderhouden.

 

 

Het logo van Stichting Nativitas

De stichting is genoemd naar het eerste kindertehuis dat mevrouw Colson heeft gesticht. “Nativitas” betekent “geboorte”.

Logo nativitasHet logo stelt voor een moeder met kind omlijst met enkele symbolen van de vijf steunpilaren van de Indonesische grondwet:

  1. De ster symboliseert het geloof in één God (of opperheer);
  2. De linkse boog stelt een rijsthalm voor (voeding) en de rechtse openspringend katoen (kleding); Dit staat voor sociale rechtvaardigheid voor de hele bevolking (het 5de artikel uit de grondwet). Omdat de activiteiten vallen onder “sociaal werk” is naast de “ster” dit embleem van sociale rechtvaardigheid gekozen.
  3. De naam “Nativitas” (geboorte) heeft nauwe betrekking op de activiteiten, nl. zorgen voor kinderen, vooral zuigelingen en kleuters. Ook “Nativitas” omdat het kindertehuis als het ware de geboorte (begin) is geweest van een heel nieuwe sociale activiteit met nieuwe ideeën in heel het Maumeregebied.